september 2014
Ingrid Jacobs vertelde over haar nieuwste boek: “Arnhem 40-45”. Het fraai vormgegeven fotoboek over vooral het Arnhemse dagelijkse leven in de oorlogsjaren werd meteen door de uitgever te koop aangeboden.
Ingrid Jacobs
Net als in de eerdere Herbergen van dit herdenkingsjaar, weer mensen aan het woord die de evacuatie hebben meegemaakt: Conny Hoefsloot was in september 1944 twintig jaar en Marian Joosten was toen 17 jaar. Ze kwamen vertellen over hun belevenissen in september en tijdens de evacuatie erna. Niet alleen Connie maar ook Marian bleek uit een bekende Arnhemse familie te stammen, Pollmann.
Conny Hoefsloot
Leo van Midden kwam alles vertellen over de “Pantherstellung”, die niet uit de Koude Oorlog-periode bleek te stammen, maar uit het laatste oorlogsjaar, toen Arnhem er verlaten bij lag. Hij wist dat het bij deze stelling ging om een verlenging van de Atlantikwall. De komende tijd worden een aantal van deze 'Kochbuncker' gerestaureerd.
Leo van Midden
november 2014
Bronstijd-boerderij opgegraven.; In 1939 ontdekte dhr B. Volkers een aantal scherven in het gebied waar later de Van Goyenstraat zou komen, aan de rand van het dal van de Sint Jansbeek. Archeoloog Leendert Louwe Cooijmans (geboren Arnhemmer) onderzocht niet alleen de scherven die gevonden werden maar ook de gang van zaken rond die opgravingen. Een aantal scherven lag uitgestald op de ‘vindplaats’, d.w.z. op de maquette van het Sint Jansdal die in het bezoekerscentrum staat. Aan het einde van zijn onderhoudende relaas deed hij een oproep naar gegevens over dhr B. Volkers.
Leendert Louwe Cooijmans
65 Jaar trolleybus in Arnhem. (Trolley)buschauffeur Rob Broekman werd geïnterviewd over de geschiedenis van de Arnhemse trolleybus. De hoofdrol in zijn verhaal was weggelegd voor de legendarische ‘Trolleybus 101’ die dienst deed van 1949 tot 1972 en die in de 80er jaren werd gerestaureerd. In 2002 – 2008 werd de bus opnieuw opgeknapt. In deze opknapbeurt leverde Rob een belangrijke aandeel, als vrijwilliger in het Trolleybusmuseum. Dit unieke museum, met een uitgebreide verzameling voorwerpen en beeldmateriaal verzameld door Benny Aalbers, is elke donderdagmiddag open van 13.00 tot 17.00 uur.
Rob Broekman
De Arnhemse Sint-groep ;Een dag voordat Sinterklaas in Arnhem aankwam, vertelde voorzitter Berry Reijnen, aan de hand van historische foto’s, over het Arnhemse ‘Sintfeest’ sinds de oorlog. Terwijl hij talloze anekdotes uit de geschiedenis van deze groep opdiste werd de echte Sint ‘pontificaal’ aangekleed. De Goedheiligman gaf aan het einde van de Herberg alvast een voorproefje van zijn ‘goedheiligheid’. Natuurlijk werd hij daarvoor bedankt met Sinterklaasliedjes.
Berry Reijnen
februari 2015
Arnhem, ca. 1400-1815. Van provinciestadje tot provinciehoofdstad. Menno Potjer begon met een uiteenzetting over het begrip hoofdstad en hoe betrekkelijk dat is. Maarten Gubbels vulde het verhaal aan gericht op hoe Arnhem hoofdstad van Gelderland werd. Graven en Hertogen reisden van locatie naar locatie, van kasteel naar burcht. Er kwam behoefte aan een vaste plek. Hertog Arnold van Gelre (grootvader van Karel van Gelre) koos voor Arnhem al in de 15e eeuw. Het had alle voorzieningen, noodzakelijk voor zo’n hoofdstad. Bovendien was het bezit van de Hertog, en dat was concurrent Nijmegen niet. Zo ging Arnhem (de Genoeglijkste) de eerste plaats bezetten in het hertogdom Gelre.
Menno Potjer
De Belgische Opstand van 1830. Zuid Nederland eiste invloed! Fransen en katholieken waren ontevreden. Er waren opstootjes alom. Het zorgde voor grote onrust in de noordelijke Nederlanden. Alle troepen werden gemobiliseerd en naar de zuidelijke provincies gedirigeerd. Maar de Belgische revolutie was niet meer te stuiten; de Belgische separatisten waren al tot in Gelderland doorgedrongen. Toen daarbovenop ook nog het gerucht de ronde deed dat de schutters uit de Liemers, het Rijk van Nijmegen en het Land van Maas en Waal weigerden de wapens op te nemen, was voor gouverneur van Heeckeren van Kell van Gelderland, de maat vol. Hij liet een leger van 1000 man op 18 januari 1831, bewapend met kanonnen en geweren, de afvallige gebieden binnentrekken om de Gelderse dienstweigeraars een kopje kleiner te maken. Onno Boonstra deed een doekje open over deze Burgeroorlog in Gelderland!
Onno Boonstra
De Grote Gelderland-Arnhem QUIZ. Griffier der Provincie en ‘cultureel-historisch entertainer’ Bob Roelofs, presenteerde zijn wervelende quiz en maakte daarbij een knipoog naar de aanstaande verkiezingen voor de Provinciale Staten. Er waren drie winnaars van drie verschillende blokken met vragen.
Bob Roelofs
april 2015
Burgemeester Kaiser schoof aan in de Historische Herberg om zijn persoonlijke visie op de toekomst van het historisch erfgoed en de geschiedenis van de stad te delen met de bezoekers. Sjaak Boom interviewde de burgemeester. De eerste vraag ging over het idee van wethouder Elfrink om in de kelders van het Duivelshuis een Kaiserstube in te richten. ‘De hele raad en B&W was het er mee eens, ‘maar er was één tegenstemmer’ zei hij veelbetekenend. Hij vond dat Elfrink het plan ‘wat eng heeft geïnterpreteerd’; het idee van een Raadskelder naar Duits voorbeeld is echter de moeite waard. Van de twintig punten die burgemeester Kaiser in zijn hoofd had om met het publiek te delen als het gaat om de geschiedenis van Arnhem, blijven er – door de slechts 15 minuten spreektijd – drie over: het groen van Arnhem waar hij met zijn vrouw met volle teugen van geniet, niet alleen de bekende parken in noord, maar ook de nieuwe in zuid zoals Meinerswijk. de wonden van de stad. De burgemeester is er trots op hoe de Arnhemmer de Slag om Arnhem en de evacuatie levend houdt als belangrijk onderdeel van de geschiedenis van Arnhem. Daaraan gekoppeld doet hij een pleidooi bij de Minister van Justitie, Ard van der Steur, om het gerechtshof voor Arnhem te behouden. De zuil van het Paleis van Justitie op het Airborne plein als symbool van de rechtstaat en de geschonden stad. De bijzondere wijken, elk met een eigen karakter, met veel activiteiten voor en door de bewoners, ook vrijwilligers. De stad blinkt uit in verscheidenheid, diversiteit en veelkleurigheid. Veel mensen weten niet hoe rijk deze stad is. De burgemeester redt zich uit de vraag hoe geel/zwart (vv Vitesse) hij is met : ‘Ik ben voor Vitesse en alles wat er mee verbonden is. Mijn hart is echter blauw/wit (vv Doetinchem) gekleurd, maar blauw/wit zijn ook de kleuren van het wapen van Arnhem.’ ‘Ik word lid van Vitesse nadat ik een uitwedstrijd heb meegemaakt.’ Hoe hij de geschiedenis wil ingaan? ‘Beslist niet als de burgemeester die de Kaiserstube in het Duivelshuis introduceerde.’
Burgemeester Kaiser
Peter Miesijerus (Mieze) haalde met Gerard Herbers herinneringen op aan het roerige verleden van het grote gebouw aan de Oude Velperweg waarvan de functie in de loop van de tijd veranderde van klooster tot huisvesting voor gastarbeiders tot krakersbolwerk tot – dertig jaar geleden - de huidige woongroep Casa de Pauw. Hoewel Mieze de krakersacties in 1985 niet heeft meegemaakt vertelt hij er met veel animo over.
Peter Miesijerus (Mieze)
Niek Ravensbergen vertelde over de bijzondere geschiedenis van Bronbeek en de bewoners bij de bevrijding van de stad op 16 april 1945. Veel heftige en prachtige gebeurtenissen waaronder een - per ongeluk – bombardement met gesprongen ruiten en ingestorte plafonds als gevolg, Generaal Rijnders die het bevel tot evacueren in september 1944 naast zich neer legt, de verplaatsing van het naambordje ‘Velp’ zodat Bronbeek in Velp kwam te liggen, een slimme zet, bewoners die niet evacueren en 80 evacuees die op Bronbeek onderdak krijgen. Er was een moestuin, een kippenhok en andere beesten die gegeten werden. Het hospitaal (nu de Kumpulan) krijgt voltreffers maar steeds kruipt Bronbeek door het oog van de naald. Op 14 april 1945 bereiken de geallieerden Arnhem. De Bronbekers zijn de eersten die de Canadezen begroeten bij hun intocht in bijna verlaten Arnhem. De Nederlandse vlag wordt op het gebouw gehesen. Huismeester Thie schrijft: ‘De bevrijding was voor de bewoners een plechtig en aandoenlijk ogenblik waarbij niet alleen de aanwezige dames, doch ook vele van onze oud-strijders hun gevoel niet meer de baas konden blijven. Dankbaarheid, blijdschap en trots op onze vlag brachten tranen in veler ogen.’
Niek Ravensbergen
Juni 2015
Onno Boonstra hield een boeiende presentatie over de belevenissen van het vijfde bataljon bij Quatre Bras - en in het bijzonder de 66 Arnhemse soldaten die aan de Slag bij Waterloo op 16 juni 1815 deelnamen. Onno begon zijn presentatie met een skype-verbinding met het re-enactors bataljon dat op dit moment te velde ligt in de buurt van Quatre Bras op het slagveld van Waterloo. Een re-enactor van de groep "5e bataljon landmilitie" was in de Herberg aanwezig in zijn prachtige uniform. Dat de geallieerde legers van Wellington en Blücher de overwinning konden behalen, is voor een groot deel te danken aan dat kleine, nauwelijks geoefend Gelders bataljon, het vijfde bataljon Landmilitie. Dat bataljon wist twee dagen eerder bij Quatre Bras een snelle opmars van het Franse leger te verhinderen. Niet alle 66 soldaten uit Arnhem overleven de slag. Onno volgde een aantal van hen op het strijdtoneel. Een werd in het hoofd geschoten en afgevoerd naar het hospitaal, een in zijn been en een ander stierf op het slagveld.
Onno Boonstra
Sjaak interviewde de blinde atlete Joke van Rijswijk die 35 jaar geleden in 1980 als 25-jarige tijdens de eerste Paralympics in Papendal goud won op het onderdeel hoogspringen. Politiek gekrakeel ging aan de Spelen vooraf. Een Russische weigering om de Spelen te organiseren en een mogelijke boycot van het Zuid-Afrikaanse team hielden de internationale en stedelijke gemoederen bezig. Ondanks dit gekrakeel haalde Joke 1.23 m, een wereldrecord, en vier jaar later 1.31 m, goed voor brons. Dat kon alleen in nauwe samenwerking met haar coach John de Bont, met wie ze later trouwde. Onder zijn begeleiding leerde ze stap voor stap om te vallen, vóórdat ze leerde hoe en wanneer hoog te springen. Maar zij deed ook andere onderdelen zoals verspringen (goud in 1984 en 1988) hardlopen (100 m brons in 1984), kogelstoten en discuswerpen. Zij toonde ons haar gouden medaille van 1980 waarop in braille haar topprestatie te lezen is. In 2004 werd de‘Joke-van-Rijswijk-prijs’ ingesteld. In 2005 reikte zij voor het eerst deze prijs uit.
Joke van Rijswijk
Jan de Vries vertelde het verhaal van een opmerkelijke, gecombineerde terugkeer van Italiaanse ijsmakers naar Arnhem: het Openluchtmuseum heeft het originele jaren-vijftig-interieur (inclusief ijskar) overgenomen van de oudste ijssalon van Nederland, die van Venezia uit Utrecht. Die ijswinkel, in 1931 gesticht door Guido de Lorenzo, verwierf al snel landelijke en internationale faam. Zoon Carlo nam de zaak over, maar moest deze in 2011 van de hand doen. Het bloed kroop waar het niet gaan kon en na twee jaar begon Carlo opnieuw met ijs maken, nu als nieuwe eigenaar van de vermaarde ijssalon Trio aan de Steenstraat in Arnhem. De cirkel was daarmee rond, want die ijssalon werd in 1933 geopend door twee oud-werknemers van Guido de Lorenzo. En de naam Trio? Die was geïnspireerd door de geboorte van een drieling van het echtpaar Bridda-Zilli in 1938. Een van de drieling runt nu een Trio-zaak in de Jansstraat. Het werd een hartverwarmend verhaal, na en ijskoude traktatie in de pauze.
Jan de Vries